
- Moet ik thuisblijven voor controle van de arbodienst?
- Ik krijg geen loon over mijn eerste ziektedag. Mag dat?
- Klopt het dat ik bij ziekte een vakantiedag kwijt ben?
- Ik ben tijdens mijn stage arbeidsongeschikt geraakt maar krijg geen ziekengeld. Hoe zit dat?
- Wanneer kom ik in de WIA, voorheen WAO?
- Ik werk de hele dag met de computer. Hoe voorkom ik klachten?
- Hoe zit het met mijn loon als ik ziek ben?
- Wat moet ik doen als ik ziek word?
- Wat is RSI?
- Hoe erg is RSI?
- Wat zegt de Arbowet over RSI?
- Is RSI te voorkomen?
- Loop ik risico op RSI?
- Kan de vakbond helpen bij RSI?
Moet ik thuisblijven voor controle van de arbodienst?
De spelregels rondom ziekte verschillen per bedrijf. Meestal staan ze op papier. Vraag hiernaar bij je werkgever of de personeelsdienst.
Als de controleur van de arbodienst je wil bezoeken, moet je hem daartoe in de gelegenheid stellen. Natuurlijk kan het voorkomen dat je even het huis uit moet, bijvoorbeeld om naar de huisarts te gaan of boodschappen te doen. Dat mag. Soms verwacht de arbodienst van je dat je in ieder geval op bepaalde uren thuis bent. Meestal krijg je daarover bericht. Zo niet, dan kun je het navragen bij je werkgever, de afdeling personeelszaken of de arbodienst.
Bij sommige bedrijven werkt het zo dat je na een aantal dagen een formulier moet invullen en opsturen naar de controlerend arts.
Ik krijg geen loon over mijn eerste ziektedag. Mag dat?
Het is bij wet geregeld dat je werkgever de uitbetaling van het ziekengeld maximaal twee dagen mag opschorten. Je ontvangt dan de eerste, of de eerste twee ziektedagen geen loon. Dit heten wachtdagen. Als je onder een cao valt, is het mogelijk dat iets anders is afgesproken. Er zijn genoeg bedrijven die volgens de cao geen wachtgeld bij ziekte hanteren, en je werkgever moet zich daaraan houden. Sla je cao er dus op na.
Klopt het dat ik bij ziekte een vakantiedag kwijt ben?
Als dat in je cao staat, dan klopt dat. Soms moet je na drie ziekmeldingen in een jaar één of twee vakantiedagen inleveren. Let er op dat je het wettelijk minimum aan twintig vakantiedagen per jaar overhoudt. Soms krijg je een extra vakantiedag als je weinig ziek bent. Zulke regels staan in de cao. Bel je bond als je denkt dat de regels niet goed worden nageleefd.
Ik ben tijdens mijn stage arbeidsongeschikt geraakt maar krijg geen ziekengeld. Hoe zit dat?
De Ziektewet schrijft voor dat aan een zieke stagiair 70 procent van het loon moet worden doorbetaald. Maar als je geen loon ontvangt tijdens je stage, schiet je daar weinig mee op. Dan ontvang je dus geen ziekengeld.
Ben je meer dan een jaar arbeidsongeschiktheid, dan kan de Wajong-wet je misschien helpen. Die wet regelt de uitkering van jong gehandicapten.
Wanneer kom ik in de WIA, voorheen WAO?
De WAO is vervangen door de WIA, Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Bij de WIA staat ‘werken naar vermogen’ centraal. Ofwel: ‘Het gaat niet om wat je niet meer kan, maar om wat je nog wel kan.’ Na twee jaar ziekte wordt je door het UWV gekeurd. De mate van arbeids(on)geschiktheid hangt af van het verschil tussen je oude loon en wat je theoretisch nog kan verdienen met de beperkingen als gevolg van je ziekte: het loonverlies.
- Wie minder dan 35 procent loonverlies lijdt is niet arbeidsongeschikt en blijft in principe in dienst van de werkgever.
- Wie ten minste 35 maar niet meer dan 80 procent loonverlies lijdt, krijgt eerst een loongerelateerde uitkering. De duur van deze uitkering is afhankelijk van je arbeidsverleden. Daarna krijg je een loonaanvulling als je voldoende werkt, of een vervolguitkering als je niet of onvoldoende werkt. Daarbij geldt altijd: hoe meer je werkt, hoe hoger het inkomen is.
- Wie ten minste 80 procent loonverlies lijdt en waarschijnlijk zal herstellen, krijgt een loongerelateerde uitkering (70 procent van het laatste loon).
- Wie (duurzaam) tenminste 80 procent loonverlies lijdt, is volledig en duurzaam arbeidsongeschikt en krijgt een loongerelateerde uitkering (70 procent van het laatste loon).
Kijk voor actuele info regelmatig op www.szw.nl of www.werkennaarvermogen.nl
Ik werk de hele dag met de computer. Hoe voorkom ik klachten?
Er zijn regels over een goede werkhouding en de inrichting van je werkplek. Een goede stoel helpt al een heel stuk. Om problemen te voorkomen, mag je ook niet langer dan vier uur achter elkaar achter het scherm zitten. Dat staat in het arbobesluit van 1997. Regelmatig even iets anders doen dus.
Hoe zit het met mijn loon als ik ziek ben?
In Nederland gelden socialezekerheidswetten. Ze regelen dat je niet zonder geld komt te zitten als je niet kunt werken. Bij ziekte krijg je ziekengeld. Zo’n uitkering ontvang je alleen als je aan de voorwaarden voldoet.
Je krijgt alleen doorbetaald als je wit werkt. Zwartwerkers betalen geen sociale premies en belasting en zijn niet verzekerd tegen ongevallen en ziekte.
Volgens de wet moet je werkgever je loon doorbetalen als je ziek bent. Voor een periode van één jaar is dat 70 procent van je loon, met het minimum(jeugd)loon als ondergrens. In veel cao's heeft de vakbond een hoger ziekengeld geregeld: vaak wordt je volledige loon doorbetaald.
Wat moet ik doen als ik ziek word?
Als eerste meld je jezelf ziek bij je werkgever, direct op je eerste ziektedag. Werk je via een uitzendbureau, dan moet je je ook daar ziek melden. Je bent niet verplicht te melden hoe lang jij of je arts verwacht dat je in de lappenmand zit, of wat je mankeert. Realiseer je wel dat je met geheimzinnig doen alleen maar vragen oproept.
Je werkgever geeft je ziekmelding door aan de arbodienst. Die kan een controleur langs sturen om te controleren of je echt ziek bent. In overleg bepaalt hij wanneer je naar verwachting weer kunt werken. Als je niet thuisbent, is dat geen ramp. Dan vind je een brief met een datum en tijdstip waarop je je bij de dienst moet melden. Weer opgeknapt? Vergeet dan niet om je op je eerste werkdag beter te melden.
Wat is RSI?
RSI (Repetitive Strain Injuries) komt door repeterende arbeid: langdurig typen of met de muis werken (tekenen en ontwerpen met de computer), of lang in dezelfde houding zitten. Het begint meestal met een onschuldig pijntje in de onderarmen, polsen en vingers (de muisarm) of in de nek of schouders. "Dat gaat wel over", denk je dan. Maar voor je het weet zit je met een ernstige, lichamelijke kwaal. En soms krijg je daardoor ook nog psychische klachten.
RSI kent verschillende fasen:
Fase 1
Je hebt pijn of kramp tijdens het werk, of last van vermoeidheid of gevoelloosheid. De pijn is vaak duidelijk aan te wijzen en verschijnt altijd bij bepaalde werkzaamheden. Als het werk erop zit, is de pijn snel over. Al zijn de klachten niet chronisch, ze kunnen op termijn tot onherstelbare schade leiden. Nu kan er nog iets aan worden gedaan!
Fase 2
De klachten worden ernstiger (krachtverlies of scherpe pijn) en ze verdwijnen niet meer na het werk. Daardoor is het minder duidelijk dat de pijn veroorzaakt wordt door bepaalde werkzaamheden. Het risico bestaat dat je je klachten negeert en blijft doorwerken.
Fase 3
Je hebt zeer ernstige klachten: chronische pijn, een tintelend gevoel alsof er met naalden in je arm wordt geprikt, functieafwijkingen en soms verandert zelfs de kleur van je huid. De klachten gaan niet meer weg. Volledige genezing is uitgesloten. Vaak kun je de meest simpele taken niet meer uitvoeren. Het is dus een kwestie van vroeg herkennen en erkennen. Neem klachten serieus en pak ze in een zo vroeg mogelijk stadium aan!
Onlangs is tijdens een congres met RSI-deskundigen besloten de term RSI te vervangen door CANS (Complaints of Arm, Neck and/or Shoulder). Wij gebruiken liever de term RSI omdat die nog door iedereen wordt gebruikt.
Hoe erg is RSI?
Het risico op RSI wordt vaak onderschat. Maar soms kun je door RSI geen pen meer vasthouden, of kun je zelfs je eigen haar niet meer kammen. In het ergste geval dreigt volledige arbeidsongeschiktheid. RSI ontwikkelt zich soms snel, maar gelukkig is niet iedereen van de ene op de andere dag arbeidsongeschikt. Omdat RSI in de laatste fase nauwelijks te herstellen is, is het wel belangrijk om RSI zo vroeg mogelijk te onderkennen.
Wat zegt de Arbowet over RSI?
Er zijn geen wettelijke normen voor repeterend werk. Wel staat er in de Arbowet dat de werkgever verplicht is om het werk aan te passen, zodat er geen gevaar is voor gezondheidsschade. Wanneer er sprake is van repeterend werk, dan moet de werkgever dit aangeven in een zogenaamde Risico Inventarisatie & Evaluatie. Ook moet hij aangeven op welke manier hij dit probleem gaat aanpakken. Voor beeldschermwerk zijn er wel enkele normen in de wet opgesteld. Vraag je werkgever ernaar of kijk op de arbosite van FNV Bondgenoten.
Wordt iemand toch ziek van zijn werk, dan moet de werkgever binnen zes weken door de arbodienst in kaart laten brengen wat het probleem is, zodat hij binnen acht weken een plan kan maken om de werknemer weer aan het werk te krijgen. Dit plan moet hij bespreken met de werknemer.
Is RSI te voorkomen?
Hoewel het nog steeds moeilijk is om een goede diagnose te stellen voor RSI, is er wel veel bekend over factoren die RSI kunnen veroorzaken. Dat heeft geleid tot een aantal praktische oplossingen. Sommige zijn gemakkelijk aan te brengen, andere zijn lastiger en kosten meer geld. Bovendien is een aantal oplossingen gemakkelijk samen met de leidinggevende uit te voeren, andere vragen om een bredere aanpak in een organisatie.
Wat is er te doen om beginnende RSI-klachten te verhelpen en te voorkomen dat ze erger worden?
Kort samengevat gaat het om vijf punten waar aandacht voor moet zijn:
- meer bewegen, ook tussen de werkzaamheden door
- meer afwisseling van taken
- minder werkdruk
- aanpassingen van de werkplek
- werken aan betere houding en conditie
- regelmatig een korte pauze
Bij beeldschermwerk is het zinvol om een zogenaamde beeldschermtachograaf te installeren. De beeldschermtachograaf registreert de toetsaanslagen en muisbewegingen van de beeldschermwerker. Bij overschrijding geeft de tachograaf een waarschuwing. Dit door FNV Bondgenoten ontwikkelde programma is gemakkelijk te installeren. Kijk voor meer info op www.arbobondgenoten.nl onder RSI.
Het is ook belangrijk om goed op jezelf te letten. Neem je wel voldoende rust, zorg je voor genoeg beweging, eet je wel gezond? En hoe is je werkhouding? Ben je niet te perfectionistisch? Juist mensen die hun werk tot in de puntjes willen verzorgen, die geen nee kunnen zeggen en die zich vreselijk verantwoordelijk voelen voor het werk, zijn extra gevoelig voor het ontwikkelen van RSI-klachten.
Loop ik risico op RSI?
Aan de hand van onderstaande vragen krijg je een indicatie van het risico dat je loopt op RSI.
- Doe je vier of meer uur per dag hetzelfde werk?
- Is het onmogelijk je werk even te onderbreken of een (zeer) korte rustpauze te nemen wanneer je dat wilt
- Doe je al jarenlang elke dag hetzelfde werk met steeds dezelfde handelingen?
- Is je werk sterk repeterend? Met andere woorden maak je meer dan twee uur per dag dezelfde bewegingen. Of dezelfde beweging langer dan een uur achter elkaar?
- Werk je vaak* met je handen 5 cm boven de hoogte van je elleboog? Bijvoorbeeld door een te hoog opgesteld toetsenbord, werkblad of bureau?
- Werk je vaak* met gebogen polsen?
- Werk je vaak* met opgetrokken schouders?
- Werk je vaak* met je lichaam voorover gebogen?
- Is het vaak* te koud op je werk?
- Heb je vaak* snelheidspieken in je werktempo?
* meer dan 30 procent van de dag
Puntentelling
Een antwoord met ja op de vragen 1, 2 en 4 telt elk voor 5 punten.
Antwoorden met ja op de overige vragen tellen elk voor 3 punten.
Door de scores op te tellen krijg je de totaalscore op de test.
Uitslag
0 punten
Je loopt geen risico RSI te krijgen.
0 - 15 punten
Je loopt waarschijnlijk niet al te veel risico op RSI door je werk. De kans is echter ook in jouw geval nog altijd aanwezig. RSI blijft een risico. Ons advies is daarom: blijf alert op werkzaamheden die de kans op RSI vergroten en wijs ook collega’s op de risico’s.
16 - 23 punten
Je loopt een aanzienlijk risico op RSI. Wij adviseren je dringend met behulp van deskundigen je werk nader te onderzoeken. Je functie moet aangepast te worden om de kans op RSI te verminderen.
24 - 36 punten
Je loopt een zeer groot risico op RSI. Wij adviseren je dringend met behulp van deskundigen je werk nader te onderzoeken. Je functie moet aangepast te worden om de kans op RSI te verminderen. In jouw geval is het risico zo groot, dat we je adviseren met spoed bij je werkgever te vragen om maatregelen.
Kan de vakbond helpen bij RSI?
Werknemers die opkomen voor een gezonde functie of een gezonde werkplek, stuiten nogal eens op onbegrip of zelfs onwil bij de werkgever. Of ze weten niet waar ze moeten beginnen. In veel gevallen kan de vakbond ondersteuning bieden. Het thema RSI is een van de speerpunten van de FNV. De vakbeweging vecht voor betere wetgeving en cao-afspraken. Ondernemingsraden kunnen altijd bij de bond terecht voor advies. In het uiterste geval kunnen individuele werknemers die arbeidsongeschikt raken of een schadeclaim willen indienen, voor gratis rechtshulp aankloppen bij hun bond.
Meer weten over RSI? Kijk op www.arbobondgenoten.nl en op de site van het bureau beroepsziekten.


